Iemand stapt voor het eerst een moskee binnen. Hij kent niemand, weet niet waar hij moet zitten en vraagt zich af of zijn aanwezigheid wordt opgemerkt. Een eenvoudige islamitische vredesgroet (salam) kan op zo’n moment meer doen dan een lange uitleg. De woorden maken duidelijk dat hij niet onzichtbaar is, dat zijn aanwezigheid wordt erkend en dat de ontmoeting niet begint met afstand of beoordeling, maar met een gebed om vrede en veiligheid.
Hetzelfde geldt buiten de moskee. Een buur die iedere ochtend wordt begroet, een kind dat niet wordt genegeerd, een collega die na een meningsverschil opnieuw vriendelijk wordt benaderd en een onbekende moslim die in een nieuwe omgeving welkom wordt geheten: in al deze situaties krijgt een korte groet een sociale en geestelijke betekenis. De salam is daarom niet alleen een beleefde gewoonte. Zij is een vorm van aanbidding, een recht in de omgang tussen mensen en een manier om liefde, veiligheid en verbondenheid zichtbaar te maken.
De islamitische bronnen verbinden de salam met het begin van de mensheid, met geloof en liefde, met het binnengaan van huizen en met het dagelijks samenleven. Tegelijk ontstaan praktische vragen. Wat betekent assalamo alaikoem precies? Welke vorm is het meest volledig? Is het beginnen met de salam aanbevolen en het beantwoorden ervan verplicht? Mag een man een vrouw begroeten? Hoe gaat een moslim in Nederland, België of Vlaanderen om met niet-moslimburen en collega’s? En gelden de regels ook voor WhatsApp, telefoon en e-mail?
Deze vragen verdienen meer dan een reeks losse regels. De salam krijgt haar volle betekenis wanneer de woorden, de bedoeling en het gedrag van de gelovige met elkaar overeenkomen.
Een groet die afstand tussen mensen doorbreekt
Veel menselijke relaties beginnen niet met openlijke vijandschap, maar met afstand. Mensen lopen langs elkaar heen, vormen vaste groepen en spreken vooral met degenen die zij al kennen. In een moskee kan iemand jarenlang naast dezelfde mensen bidden zonder ooit hun naam te leren. Op school, op het werk en in de buurt kan dezelfde geslotenheid ontstaan.
De salam doorbreekt die afstand. Wie de salam geeft, wacht niet eerst tot de ander bewijst dat hij vriendelijk, belangrijk of gelijkgestemd is. Hij neemt zelf het initiatief en spreekt een gebed uit voor degene die hij ontmoet. De groet is daardoor niet alleen een gevolg van bestaande verbondenheid, maar ook een middel om verbondenheid te laten ontstaan.
Dat is vooral belangrijk voor mensen die gemakkelijk buiten een gemeenschap vallen: nieuwe moslims, jongeren, ouderen die alleen komen, bezoekers, mensen uit een andere herkomstgroep en personen die de plaatselijke gewoonten nog niet kennen. Wanneer een moskee alleen warm aanvoelt voor degenen die al tot een vaste kring behoren, kan de salam vaak worden gehoord zonder dat haar sociale betekenis werkelijk wordt gedragen.
De salam legt bovendien een morele grens. Wie een ander vrede en veiligheid toewenst, behoort hem daarna niet met woorden, handen of gedrag te schaden. De groet is geen magische formule die slecht gedrag ongedaan maakt. Zij herinnert de gelovige eraan dat de persoon tegenover hem veilig moet zijn voor zijn onrecht.
Een haastig gemompelde salam kan als begroeting herkenbaar zijn, maar blijft achter bij haar diepere doel wanneer de ander nauwelijks wordt aangekeken of gehoord. De volledige schoonheid verschijnt wanneer de woorden duidelijk zijn, de persoon werkelijk wordt gezien en de houding overeenkomt met wat wordt uitgesproken.
Wat betekent assalamo alaikoem?
De basisvorm van de islamitische vredesgroet betekent: vrede zij met jullie. Het woord salam draagt betekenissen van vrede, veiligheid, bescherming en vrijwaring van kwaad. Wie de groet uitspreekt, doet daarom meer dan “hallo” zeggen. Hij vraagt Allah (God) om de ander vrede en veiligheid te schenken en laat tegelijk blijken dat die ander van hem geen onrecht hoeft te vrezen.
Uitspraak van de begroeting: Assalamo alaikoem.
Wie met deze groet wordt begroet, beantwoordt haar met een gelijkwaardige vredeswens. Het gebruikelijke antwoord betekent: en met jullie zij de vrede.
Uitspraak van het antwoord: Wa alaikoem assalam.
Allah is de Bron van volmaakte vrede en veiligheid, aangeduid met de naam as Salam. Sommige geleerden verbonden de groet daarom ook met de bescherming en zorg van Allah. Andere uitleggers benadrukten vooral dat zij een gebed is waarin de aangesprokene veiligheid wordt toegewenst in dit leven en in het hiernamaals. Deze betekenissen sluiten elkaar niet uit: de vrede waarnaar de mens verlangt komt uiteindelijk van Allah.
De islamitische groet heeft daardoor een ruimere inhoud dan een begroeting die aan een bepaald moment van de dag is verbonden. Goedemorgen wenst iemand een goede ochtend; assalamo alaikoem omvat de persoon en zijn welzijn.
Dat maakt andere vriendelijke begroetingen niet verboden of waardeloos. In Nederland en België kan een moslim bijvoorbeeld zeggen: “Assalamo alaikoem, goedemorgen.” Tegenover iemand die de islamitische formule niet kent, kan hij een passende Nederlandse begroeting gebruiken. De bijzondere waarde van de salam verandert beleefdheid in de plaatselijke taal niet in iets verkeerds.
Ook het korte woord salam wordt veel gebruikt. Het blijft herkenbaar als vredesgroet, maar de volledige vorm assalamo alaikoem sluit duidelijker aan bij de overgeleverde begroeting. Een afkorting als slm kan in een haastig bericht worden begrepen, maar verliest iets van de waardigheid en helderheid van de oorspronkelijke woorden. Wie tijd heeft om een bericht te schrijven, kan meestal ook de groet volledig schrijven.
De salam moet bovendien hoorbaar of leesbaar zijn voor degene tot wie zij wordt gericht. De woorden alleen in gedachten uitspreken is geen feitelijke begroeting van de ander. Een groet is bedoeld om te worden ontvangen.
De salam vanaf Adam
De islamitische vredesgroet wordt in de profetische overleveringen verbonden met Adam, vrede zij met hem. Daarmee verschijnt de salam niet slechts als een gewoonte van één volk of één historische periode, maar als een groet die teruggaat naar het begin van de menselijke familie.
Profeet Mohammed ﷺ (vrede zij met hem) zei: “Allah schiep Adam met een lengte van zestig el. Toen Hij hem had geschapen, zei Hij: ‘Ga naar die groep engelen en begroet hen. Luister naar wat zij jou antwoorden, want dat zal jouw begroeting en de begroeting van jouw nakomelingen zijn.’ Adam zei: ‘Assalamo alaikoem.’ Zij antwoordden: ‘Assalamo alaika wa rahmatoellah.’ Zij voegden dus ‘en de barmhartigheid van Allah’ toe. Iedereen die het paradijs binnengaat, zal de gedaante van Adam hebben. Sindsdien zijn de mensen steeds kleiner van gestalte geworden.” (Overgeleverd door al Boekhari en Moeslim).
Het gedeelte over de begroeting staat in een bredere hadith over de schepping van Adam. Adam leerde niet alleen welke woorden hij moest uitspreken, maar moest ook luisteren naar het antwoord. Salam geven en beantwoorden horen dus vanaf het begin bij elkaar. De ene persoon opent de ontmoeting; de andere ontvangt die opening en beantwoordt haar.
De engelen voegden de barmhartigheid van Allah aan de oorspronkelijke groet toe. Daarmee wordt een patroon zichtbaar dat later ook in de Koran verschijnt: een begroeting mag met een betere begroeting worden beantwoord. De relatie begint niet met het zo beperkt mogelijk uitvoeren van een plicht, maar met het beantwoorden van goedheid door gelijke of grotere goedheid.
De verwijzing naar de nakomelingen van Adam geeft de salam bovendien een menselijke achtergrond die verder reikt dan cultuur en afkomst. Mensen verschillen in taal, gewoonten en geschiedenis, maar komen uit dezelfde oorsprong voort. De groet herinnert de gelovige eraan dat hij niet alleen iemand uit zijn eigen kring tegenover zich heeft, maar een medemens die tot dezelfde menselijke familie behoort.
Wat zegt de Koran over begroeten en antwoorden?
De belangrijkste Koranregel over het beantwoorden van een groet staat in soera an Nisa. Allah zegt: “Wanneer jullie met een begroeting worden begroet, beantwoord haar dan met een betere begroeting of geef haar op gelijke wijze terug. Allah houdt werkelijk rekening met alle dingen.” (Soera an Nisa 4:86).
Dit vers legt een duidelijke beweging vast. De begroeting mag niet in leegte verdwijnen. Wie wordt begroet, antwoordt minstens gelijkwaardig. Beter antwoorden betekent bijvoorbeeld dat iemand op assalamo alaikoem reageert met wa alaikoem assalam wa rahmatoellah. Gelijkwaardig antwoorden betekent dat hij minstens dezelfde inhoud teruggeeft.
De woorden “met een betere begroeting” hoeven niet te worden veranderd in een wedstrijd waarin mensen elkaar met steeds langere toevoegingen proberen te overtreffen. De bekende profetische formuleringen geven de natuurlijke omvang van de groet aan. Een beter antwoord kan bovendien zichtbaar worden in warmte, hoorbaarheid en oprechtheid.
De Koran verbindt de salam ook met het betreden van huizen en met respect voor de bewoners. Allah zegt: “O jullie die geloven, ga geen andere huizen dan jullie eigen huizen binnen voordat jullie toestemming hebben gevraagd en hun bewoners hebben begroet. Dat is beter voor jullie, zodat jullie er lering uit trekken.” (Soera an Noer 24:27).
Een huis is geen ruimte die iemand zomaar mag binnengaan omdat hij familie, buur of vriend is. De bezoeker kondigt zichzelf aan, begroet de bewoners en wacht op toestemming. De salam is geen toegangsbewijs waarmee de privacy van anderen verdwijnt; zij maakt juist deel uit van de eerbiediging van die privacy.
Verder zegt Allah: “Er rust geen blaam op de blinde, geen blaam op de kreupele, geen blaam op de zieke en ook niet op julliezelf wanneer jullie eten in jullie eigen huizen, de huizen van jullie vaders, jullie moeders, jullie broers, jullie zussen, jullie ooms van vaderszijde, jullie tantes van vaderszijde, jullie ooms van moederszijde, jullie tantes van moederszijde, of in huizen waarvan jullie de sleutels bezitten, of bij jullie vrienden. Er rust geen blaam op jullie wanneer jullie gezamenlijk of afzonderlijk eten. Wanneer jullie huizen binnengaan, begroet elkaar dan met een gezegende en goede begroeting van Allah. Zo maakt Allah de tekenen voor jullie duidelijk, opdat jullie zullen begrijpen.” (Soera an Noer 24:61).
Het huis is daarmee een van de eerste plaatsen waar de salam levend behoort te zijn. Een gezin dat buitenshuis vriendelijk groet, maar thuis zwijgend langs elkaar heen leeft, mist een belangrijk deel van deze praktijk.
Waarom verspreidt de salam liefde?
De salam wordt in een authentieke hadith rechtstreeks verbonden met geloof, onderlinge liefde en het paradijs. De Profeet ﷺ zei: “Bij Degene in Wiens hand mijn ziel is: jullie zullen het paradijs niet binnengaan totdat jullie geloven, en jullie zullen niet werkelijk geloven totdat jullie van elkaar houden. Zal ik jullie wijzen op iets waardoor jullie van elkaar zullen houden wanneer jullie het doen? Verspreid de salam onder elkaar.” (Overgeleverd door Moeslim).
Deze hadith zegt niet dat één begroeting onmiddellijk alle conflicten en vooroordelen verwijdert. Zij wijst op een herhaalde praktijk: verspreid de salam. Wanneer begroeten een vaste gewoonte wordt, verdwijnt een deel van de anonimiteit tussen mensen. Gezichten worden vertrouwd, gesprekken beginnen gemakkelijker en de drempel om hulp te vragen of verzoening te zoeken wordt lager.
Daarom is het onvoldoende alleen bekenden te groeten. Toen aan de Profeet ﷺ werd gevraagd welke eigenschap van de islam tot de beste behoort, antwoordde hij: “Dat je voedsel geeft en de salam geeft aan degene die je kent en degene die je niet kent.” (Overgeleverd door al Boekhari en Moeslim).
Wie alleen vrienden begroet, bevestigt een bestaande kring. Wie ook onbekenden begroet, opent die kring. Dit is bijzonder relevant in moskeeën waar mensen van verschillende herkomst naast elkaar bidden, maar sociaal gescheiden blijven. De salam mag geen herkenningsteken van slechts één taal-, familie- of vriendengroep worden.
In een andere hadith wordt niet alleen de uitgesproken groet genoemd, maar ook de houding waarmee mensen elkaar ontmoeten. De Profeet ﷺ zei: “Wanneer twee moslims elkaar ontmoeten en een van hen de ander de salam geeft, is degene van hen die Allah het meest liefheeft degene die zijn metgezel het vriendelijkst en met het meest open gezicht tegemoet treedt. Wanneer zij elkaar de hand schudden, laat Allah honderd vormen van barmhartigheid over hen neerdalen: negentig voor degene die begon en tien voor de ander.” (Overgeleverd door al Bazzar en anderen).
Deze hadith is via verschillende vroege werken doorgegeven. Sommige hadithgeleerden beoordeelden de afzonderlijke keten als zwak, onder meer doordat een overleveraar in deze route niet door andere sterke routes werd ondersteund. Andere geleerden vermeldden de hadith, achtten delen ervan door verwante berichten ondersteund of gebruikten haar bij de uitleg van de verdiensten van salam, vriendelijkheid en de handdruk. Zij wordt daarom niet op hetzelfde niveau geplaatst als de authentieke hadiths uit al Boekhari en Moeslim, maar evenmin behandeld alsof haar betekenis vreemd is aan de profetische leiding.
De combinatie van salam en een open gezicht is belangrijk. De groet hoort niet koel, vernederend of uitdagend te worden uitgesproken. Wie vrede wenst maar tegelijk zichtbaar vijandigheid uitstraalt, verzwakt de sociale betekenis van zijn eigen woorden.
Ook iemand die men iedere dag ziet, verdient opnieuw de salam. De groet is niet alleen bedoeld voor een eerste kennismaking. Een buur die gisteren werd begroet, heeft vandaag niet opgehouden buur te zijn. Een collega die dagelijks dezelfde werkruimte binnenkomt, hoeft na de eerste week niet onzichtbaar te worden.
De Profeet ﷺ zei: “Wanneer een van jullie zijn broeder ontmoet, laat hij hem dan de salam geven. Wanneer vervolgens een boom, een muur of een steen tussen hen beiden komt en hij hem daarna opnieuw ontmoet, laat hij hem dan opnieuw de salam geven.” (Overgeleverd door Aboe Dawoed).
De bedoeling is niet een mechanische herhaling waarbij mensen elkaar binnen enkele seconden voortdurend onderbreken. De hadith leert dat een nieuwe ontmoeting opnieuw met vrede mag worden geopend, ook wanneer de scheiding kort was. Aandacht en verbondenheid worden niet minder waardevol doordat mensen elkaar al eerder hebben gezien.
Salam na een ruzie of verwijdering
De kracht van de salam wordt vooral zichtbaar wanneer de relatie niet gemakkelijk is. De Profeet ﷺ zei: “Het is een moslim niet toegestaan zijn broeder langer dan drie nachten te mijden. Wanneer zij elkaar ontmoeten, wendt de een zich af en wendt de ander zich af. De beste van hen is degene die als eerste de salam geeft.” (Overgeleverd door al Boekhari en Moeslim).
De eerste salam na een ruzie betekent niet dat alle oorzaken van het conflict zijn opgelost. Er kan nog een gesprek, verontschuldiging, bemiddeling of herstel van schade nodig zijn. De begroeting beëindigt wel de houding waarin beide personen elkaars menselijkheid ontkennen en wachten tot de ander zich als eerste vernederd voelt.
Wie begint, verliest daarom niet. Volgens de hadith is juist hij de betere van de twee. De salam bevrijdt de mens van de gedachte dat waardigheid bestaat uit langer zwijgen dan de ander.
Geleerden spraken over uitzonderlijke situaties waarin tijdelijke afstand om een zwaarwegende beschermende of religieuze reden gerechtvaardigd kan zijn. Zo’n uitzondering mag echter niet worden gebruikt om iedere familieruzie, gekwetste trots of politieke discussie tot een langdurige breuk te maken. De gewone regel blijft dat de salam een weg terug opent.
Welke vorm van salam is het meest volledig?
De basisgroet betekent: vrede zij met jullie.
Uitspraak: Assalamo alaikoem.
Het gebruikelijke antwoord betekent: en met jullie zij de vrede.
Uitspraak: Wa alaikoem assalam.
De begroeting kan worden uitgebreid met een gebed om de barmhartigheid van Allah. Deze vorm betekent: vrede en de barmhartigheid van Allah zij met jullie.
Uitspraak: Assalamo alaikoem wa rahmatoellah.
Het passende antwoord betekent: en met jullie zij de vrede en de barmhartigheid van Allah.
Uitspraak: Wa alaikoem assalam wa rahmatoellah.
De bekende volledige vorm betekent: vrede, de barmhartigheid van Allah en Zijn zegeningen zij met jullie.
Uitspraak: Assalamo alaikoem wa rahmatoellahi wa barakatoeh.
Het volledige antwoord draagt dezelfde betekenis terug naar de begroeter.
Uitspraak: Wa alaikoem assalam wa rahmatoellahi wa barakatoeh.
De verschillende vormen worden zichtbaar in een hadith van Imran ibn Hoesain, moge Allah tevreden met hem zijn: “Een man kwam bij de Profeet ﷺ en zei: ‘Assalamo alaikoem.’ De Profeet ﷺ beantwoordde zijn groet. De man ging zitten en de Profeet ﷺ zei: ‘Tien.’ Daarna kwam een andere man en zei: ‘Assalamo alaikoem wa rahmatoellah.’ Hij beantwoordde zijn groet, de man ging zitten en de Profeet ﷺ zei: ‘Twintig.’ Daarna kwam een andere man en zei: ‘Assalamo alaikoem wa rahmatoellahi wa barakatoeh.’ Hij beantwoordde zijn groet, de man ging zitten en de Profeet ﷺ zei: ‘Dertig.’” (Overgeleverd door Aboe Dawoed en at Tirmidhi; at Tirmidhi beoordeelde de hadith als goed).
De getallen verwijzen naar de beloning van de verschillende formuleringen. De hadith laat zien dat de langere vorm meer inhoud en beloning kan dragen, zonder dat de basisgroet waardeloos wordt.
De Koranregel vraagt dat het antwoord minstens gelijkwaardig is. Wie de volledige vorm ontvangt, behoort haar daarom niet bewust met een duidelijk beperktere begroeting te beantwoorden. Kleine uitspraakfouten die voortkomen uit taalachtergrond, leeftijd of gebrekkige kennis moeten echter niet worden behandeld alsof de groet volledig ongeldig is. De bedoeling en herkenbare betekenis blijven van belang.
Het woord alaikoem is grammaticaal een meervoudsvorm, maar wordt in de overgeleverde standaardgroet ook tegen één persoon gebruikt. Een lezer hoeft daarom niet voor iedere persoon een andere uitgang te leren voordat hij de salam kan geven.
Soms worden nog langere toevoegingen gebruikt, bijvoorbeeld woorden over vergeving. Hadithgeleerden verschilden over de overleveringen waarop sommige van die uitbreidingen zijn gebaseerd. De veilige en breed overgeleverde praktijk loopt tot en met wa barakatoeh. Een mens hoeft de groet niet steeds langer te maken om vromer te lijken.
Is salam geven aanbevolen en antwoorden verplicht?
Islamitische juristen maakten onderscheid tussen het beginnen met de salam en het beantwoorden ervan. Het beginnen met de islamitische groet geldt in de gewone omgang als een sterk aanbevolen profetische praktijk (soenna). Het beantwoorden van een duidelijk ontvangen salam geldt in beginsel als verplicht.
Wanneer één persoon rechtstreeks wordt begroet, rust het antwoord op hem persoonlijk. Wanneer een groep wordt begroet, beschouwden de meeste juristen het antwoord als een gezamenlijke verplichting (fard kifaya): zodra één of enkele leden van de groep voldoende antwoorden, is de verplichting voor de rest vervuld. Wanneer niemand antwoordt, blijft de groep verantwoordelijk.
Dat betekent niet dat de overige aanwezigen beter altijd kunnen zwijgen. Een gezamenlijk of individueel antwoord kan warmer en duidelijker zijn. De juridische minimumregel voorkomt alleen dat ieder lid van een grote bijeenkomst afzonderlijk verplicht zou zijn luid te antwoorden.
De begroeting moet werkelijk tot de persoon of groep zijn gericht en door hen kunnen worden gehoord. Wie een onduidelijk geluid opvangt en niet weet of het een salam was of voor wie zij bedoeld was, wordt niet belast met zekerheid waar die ontbreekt. Wie wel duidelijk wordt begroet, antwoordt op een hoorbare manier, zodat de begroeter weet dat zijn salam is ontvangen.
In grote moskeeën vraagt dit om gevoel voor de situatie. Iemand hoeft niet bij iedere stap luid te groeten, zodat biddende of reciterende mensen voortdurend worden gestoord. De profetische praktijk leert zowel het verspreiden van de salam als het vermijden van hinder.
De verplichting om te antwoorden mag ook niet worden gebruikt om anderen te testen. Sommige mensen spreken de salam bijna onhoorbaar uit en beschuldigen vervolgens degene die niet reageert. De groet is bedoeld om vrede te verspreiden, niet om fouten bij anderen te verzamelen.
Wie hoort als eerste salam te geven?
De profetische overleveringen geven enkele praktische richtlijnen voor de vraag wie het initiatief neemt. De Profeet ﷺ zei: “De jongere begroet de oudere, degene die loopt begroet degene die zit en de kleine groep begroet de grote groep.” (Overgeleverd door al Boekhari).
In een andere authentieke formulering wordt toegevoegd dat de rijdende persoon de lopende persoon begroet.
Deze richtlijnen vormen geen rangorde van menselijke waarde. Een oudere is niet verboden een jongere te begroeten en een zittende persoon hoeft niet zwijgend te wachten wanneer een voorbijganger niets zegt. De regels voorkomen vooral dat beide partijen blijven wachten omdat ieder vindt dat de ander moet beginnen.
In een hedendaagse omgeving kan de betekenis breder worden toegepast. Degene die een kantoor, klaslokaal of woonkamer binnenkomt, begroet de aanwezigen. Iemand die bij een groep aansluit, kondigt zijn komst vriendelijk aan. Een leidinggevende die een groep medewerkers ontmoet, hoeft zich niet door zijn positie te belangrijk te voelen om als eerste te groeten.
De jongere begroet de oudere uit eerbied, maar ouderen kunnen juist veel betekenen door kinderen en jongeren zelf warm te begroeten. Het initiatief tot salam is geen vernedering. Wie als eerste groet, toont opmerkzaamheid en bevrijdt de ander van de onzekerheid of contact welkom is.
Salam thuis, bij kinderen en in de moskee
De salam hoort niet alleen bij formele ontmoetingen of religieuze bijeenkomsten. Het huis is een van de belangrijkste plaatsen om de groet levend te houden. Een ouder die thuiskomt, een kind dat van school terugkeert en gezinsleden die na afwezigheid binnenkomen, behoren elkaar te begroeten.
Wanneer gezinsleden dagelijks zonder salam langs elkaar heen lopen, kan het huis langzaam veranderen in een plaats waar ieder vooral zijn eigen scherm, kamer en ritme volgt. De salam onderbreekt die afzondering. Zij zegt: ik ben binnengekomen en ik erken dat jullie hier zijn.
Bij een leeg huis zijn van sommige metgezellen en vroege geleerden aanvullende begroetingsformules overgeleverd. Die hoeven niet te worden voorgesteld als één onbetwist vastgelegde profetische smeekbede. De gewone salam blijft een goede en begrijpelijke begroeting bij het binnengaan.
Kinderen leren door zelf begroet te worden
Anas ibn Malik, moge Allah tevreden met hem zijn, liep langs kinderen en begroette hen. Hij zei: “De Boodschapper van Allah ﷺ deed dit eveneens.” (Overgeleverd door al Boekhari en Moeslim).
Dit is meer dan een vriendelijk detail. Kinderen leren de salam niet alleen doordat volwassenen hen bevelen haar uit te spreken, maar doordat zij zelf met waardigheid worden begroet. Wie een kind steeds negeert en vervolgens streng vraagt waarom het geen salam geeft, onderwijst vooral hiërarchie en geen wederzijdse beleefdheid.
De salam geeft kinderen een plaats in de gemeenschap. Zij leren antwoorden, initiatief nemen en oudere mensen respectvol benaderen. Tegelijk ervaren zij dat islamitische omgangsvormen niet alleen gelden wanneer volwassenen met elkaar spreken.
Gastvrijheid in de moskee
Wie een moskee binnenkomt, kan de aanwezigen begroeten, maar houdt rekening met mensen die bidden, slapen, een les volgen of de Koran lezen. De salam wordt niet zo luid uitgesproken dat het hele gebouw wordt onderbroken.
Een moskee wordt niet gastvrij door alleen een bord bij de ingang. Een bezoeker die tientallen keren assalamo alaikoem hoort zonder dat iemand hem aankijkt, ruimte voor hem maakt of hem helpt, kan zich nog steeds buitengesloten voelen. De salam behoort daarom vergezeld te gaan van zichtbare zorg.
Bij het begin en einde van een bijeenkomst
De Profeet ﷺ zei: “Wanneer iemand van jullie bij een bijeenkomst aankomt, laat hem dan de salam geven. Wanneer hij wil opstaan en vertrekken, laat hem dan opnieuw de salam geven. De eerste begroeting heeft niet meer recht dan de laatste.” (Overgeleverd door Aboe Dawoed en at Tirmidhi; at Tirmidhi beoordeelde de hadith als goed).
De salam bij vertrek maakt duidelijk dat afscheid nemen eveneens aandacht verdient. Iemand verdwijnt niet plotseling uit een gezelschap alsof zijn aanwezigheid en vertrek niemand aangaan.
Wanneer iemand een ruimte kort verlaat en opnieuw binnenkomt, kan hij opnieuw groeten. Iedere nieuwe ontmoeting mag opnieuw met vrede beginnen.
Salam, toestemming vragen en de privacy van het huis
De salam aan de deur is niet hetzelfde als toestemming om binnen te komen. De bezoeker kondigt zich aan, vraagt toestemming en wacht op een antwoord. Wanneer de bewoners niet reageren of geen bezoek kunnen ontvangen, keert hij terug zonder zich beledigd te voelen.
De Profeet ﷺ zei: “Toestemming wordt driemaal gevraagd. Wanneer jullie toestemming krijgen, ga dan naar binnen; anders moeten jullie terugkeren.” (Overgeleverd door al Boekhari en Moeslim).
Deze regel beschermt mensen tegen de druk om altijd beschikbaar te zijn. Familiebanden, vriendschap en nabuurschap heffen de privacy van een woning niet op.
In Nederland en België gebeurt aankondigen niet alleen door kloppen. Mensen gebruiken een deurbel, video-intercom, telefoon of WhatsApp. De techniek verandert het beginsel niet. Zien dat iemand thuis is, betekent niet dat hij verplicht is open te doen. Een gelezen bericht is geen toestemming om binnen te komen.
De bezoeker hoort bovendien niet zo voor een raam of geopende deur te staan dat hij de woning kan inkijken. De toestemming is juist voorgeschreven omdat het huis een beschermde ruimte is.
De salam maakt een komst vriendelijk, maar mag niet worden gebruikt als sociale druk. De woorden “Ik heb toch salam gezegd” geven niemand het recht een rustende moeder, een ziek familielid of een gezin op een ongelegen moment te dwingen bezoek te ontvangen.
Onverwachte bezoeken kunnen mooi zijn, maar in drukke huishoudens, kleine appartementen en gezinnen met kinderen is vooraf afspreken vaak een vorm van respect. De gastvrijheid van de bewoner en de terughoudendheid van de bezoeker horen bij elkaar.
Mag een man een vrouw met salam begroeten?
De bronnen laten zien dat de salam niet uitsluitend tussen mannen werd uitgewisseld. Asma bint Jazid, moge Allah tevreden met haar zijn, vertelde: “De Boodschapper van Allah ﷺ kwam langs ons terwijl wij ons in een groep vrouwen bevonden, en hij begroette ons met de salam.” (Overgeleverd door Aboe Dawoed en at Tirmidhi; at Tirmidhi beoordeelde de hadith als goed).
Juristen maakten bij het begroeten tussen mannen en vrouwen onderscheid naar context. Salam tussen familieleden met wie geen huwelijk mogelijk is, oudere mensen, groepen en openbare situaties werd ruimer behandeld dan een persoonlijke begroeting die bedoeld is om ongepaste toenadering te zoeken.
De kernvraag is daarom niet alleen of de spreker een man en de ontvanger een vrouw is. Ook de bedoeling, toon, omgeving, leeftijd en kans op ongepaste verleiding spelen een rol. Sommige juristen waren terughoudend met een persoonlijke salam tussen een jonge man en een jonge vrouw die geen noodzakelijke relatie hebben. Andere geleerden stonden een respectvolle begroeting toe wanneer geen gegronde vrees voor ongepaste toenadering bestond.
In Nederland en Vlaanderen ontmoeten mannen en vrouwen elkaar dagelijks op school, in ziekenhuizen, winkels, overheidsdiensten en op het werk. Een moslim hoeft daar niet koud, vijandig of sociaal afwezig te worden. Hij kan professioneel en respectvol begroeten, terwijl hij grenzen bewaakt in toon, lichamelijk contact en persoonlijke omgang.
Een openbare begroeting aan een groep is bovendien anders dan een intieme boodschap aan één persoon laat op de avond. Hetzelfde woord kan door de context een andere sociale functie krijgen. Islamitische omgangsvormen vragen daarom niet alleen kennis van regels, maar ook volwassenheid en zelfkennis.
Salam, glimlach en handdruk zijn niet hetzelfde
De salam is een uitgesproken begroeting en gebed. Een glimlach, handdruk, omhelzing of kus is een afzonderlijke handeling met eigen regels en culturele betekenissen. De groet wordt niet onvolledig doordat er geen lichamelijk contact plaatsvindt.
De eerder genoemde overlevering over twee moslims verbindt de salam, een open gezicht en een handdruk met elkaar. Dat betekent niet dat iedere begroeting tussen iedere man en vrouw met een handdruk gepaard moet gaan. De regels voor lichamelijk contact blijven afzonderlijk van toepassing.
Wie om religieuze redenen geen hand schudt met iemand met wie een huwelijk in beginsel mogelijk is (niet-mahram), hoeft die persoon niet te negeren. Hij kan glimlachen, een vriendelijke begroeting uitspreken en rustig uitleggen dat hij vanuit zijn religieuze overtuiging geen hand geeft.
In een werkomgeving voorkomt een tijdige en respectvolle uitleg vaak meer ongemak dan een plotseling teruggetrokken hand zonder woorden. Grenzen bewaren en de ander niet vernederen kunnen tegelijk worden nagestreefd.
Omgekeerd is het onjuist te denken dat de salam pas volledig is wanneer mensen elkaar aanraken, omhelzen of kussen. De gesproken vredesgroet bezit een zelfstandige waarde.
Salam aan niet-moslims en in gemengde gezelschappen
De vraag naar salam aan niet-moslims is bijzonder relevant voor moslims in Nederland, België en Vlaanderen. Zij hebben niet-moslimfamilieleden, buren, collega’s, docenten, klanten en zorgverleners. Een antwoord dat uit één losse regel bestaat, doet geen recht aan de verschillende teksten en situaties.
In een authentieke hadith zei de Profeet ﷺ: “Begin de joden en christenen niet als eersten met de salam. Wanneer jullie een van hen op de weg ontmoeten, laat hem dan naar het smalste deel ervan gaan.” (Overgeleverd door Moeslim).
De tweede zin mag niet worden gebruikt als algemene toestemming om niet-moslims te intimideren, tegen muren te drukken, in gevaar te brengen of hun wettelijke rechten te schenden. Uitleggers plaatsten de hadith onder meer in een context van gespannen verhoudingen, conflict, publieke status en groepen die de moslims met vijandigheid of misleidende begroetingen benaderden. De toepassing werd daarom door juristen niet in iedere situatie op dezelfde manier uitgelegd.
Veel klassieke juristen leidden uit de hadith af dat een moslim een niet-moslim in een gewone situatie niet als eerste met de specifiek islamitische formule begint. Zij stonden wel andere vriendelijke begroetingen toe en bespraken uitzonderingen vanwege familiebanden, noodzaak, veiligheid, briefwisseling, een verwacht goed gevolg of de aanwezigheid van moslims in dezelfde groep.
Andere geleerden begrepen het verbod sterker vanuit de historische context van vijandige verhoudingen en beledigende begroetingen. Zij stonden toe dat een moslim ook een niet-moslim als eerste vrede toewenst wanneer de ontmoeting vreedzaam is en de begroeting rechtvaardige relaties dient.
Dat er ruimte voor context bestaat, blijkt ook uit een authentieke overlevering. Oesama ibn Zaid, moge Allah tevreden met hem zijn, vertelde: “De Profeet ﷺ kwam langs een gezelschap waarin moslims, afgodendienaren en joden samen aanwezig waren, en hij begroette hen met de salam.” (Overgeleverd door al Boekhari en Moeslim).
Een gemengde ruimte hoeft dus niet eerst in afzonderlijke groepen te worden verdeeld voordat een vriendelijke begroeting mogelijk is.
Een evenwichtige toepassing erkent het bestaande verschil tussen geleerden. Wie het klassieke voorzichtige standpunt volgt, kan een niet-moslimbuur vriendelijk begroeten met goedemorgen, hallo of een andere passende formulering. Hij hoeft de ander niet te negeren of de ontmoeting bewust ongemakkelijk te maken.
Wie een ruimer geleerd standpunt volgt en de salam ook als algemeen gebed om vrede gebruikt, moet evenmin worden voorgesteld alsof hij bewust een volledig onbetwiste regel verwerpt. Er bestaat werkelijk verschil in uitleg, context en toepassing.
Hoe antwoord je wanneer een niet-moslim salam zegt?
In sommige authentieke overleveringen wordt beschreven dat bepaalde mensen de woorden vervormden en in plaats van vrede de dood toewensten. De Profeet ﷺ zei daarom: “Wanneer de mensen van het Boek jullie begroeten, zeg dan: ‘Wa alaikoem.’” (Overgeleverd door al Boekhari en Moeslim).
Uitspraak: Wa alaikoem.
De betekenis is: en ook met jullie, of: hetzelfde geldt voor jullie. Het antwoord laat de werkelijke inhoud terugkeren naar degene die haar uitsprak. Was de groet goed bedoeld, dan keert het goede terug; was zij als belediging bedoeld, dan wordt die belediging niet met een nieuwe belediging uitgebreid.
Wanneer een niet-moslim tegenwoordig duidelijk en welwillend assalamo alaikoem zegt, kozen verschillende geleerden voor een volledig passend antwoord. Andere juristen hielden vast aan wa alaikoem. Ook hier bestaat een werkelijk verschil in uitleg.
Goede buren zijn, vriendelijk spreken en rechtvaardig handelen blijven in alle benaderingen belangrijk. Het verschil over één begroetingsformule mag nooit worden veranderd in een vrijbrief voor onbeleefdheid of onrecht.
Salam via WhatsApp, telefoon en e-mail
De communicatiemiddelen veranderen, maar de behoefte aan een goede opening blijft. Een telefoongesprek dat direct met een eis begint, een WhatsAppbericht zonder begroeting of een e-mail die alleen uit een verzoek bestaat, kan afstandelijk overkomen. De salam geeft het gesprek een menselijk begin.
Bij een persoonlijk tekst- of spraakbericht waarin iemand duidelijk de salam geeft, is antwoorden de passende islamitische omgangsvorm. Verschillende juristen beschouwden het beantwoorden van een geschreven salam eveneens als verplicht, omdat de begroeting de ontvanger werkelijk bereikt. Anderen maakten onderscheid tussen een persoonlijke brief en een algemeen of automatisch verzonden bericht.
In een grote WhatsAppgroep hoeft niet ieder lid afzonderlijk dezelfde begroeting te typen wanneer iemand de hele groep groet en anderen al voldoende hebben geantwoord. De regel van de gezamenlijke verplichting kan hier praktisch betekenis hebben. Een persoonlijk antwoord blijft toegestaan en kan juist warmte tonen.
Bij nieuwsbrieven, automatische e-mails of berichten aan honderden ontvangers hoeft volgens verschillende geleerden niet iedere ontvanger afzonderlijk te antwoorden. Anders zou één algemene begroeting honderden nieuwe berichten kunnen veroorzaken en haar praktische functie verliezen.
In een professionele e-mail aan een moslimcollega kan iemand bijvoorbeeld beginnen met: “Assalamo alaikoem.” Tegenover een niet-moslimcollega kan hij een gewone, passende begroeting gebruiken, zoals: “Goedemorgen.” Beide vormen kunnen beleefd en professioneel zijn. De keuze hangt af van de relatie, de ontvanger en de context. Het doel is niet dat een niet-moslim eerst Arabische woorden moet ontcijferen voordat hij de inhoud van de e-mail begrijpt.
Een afkorting als slm kan in een informele groep worden begrepen, maar de volledige salam is duidelijker, waardiger en toegankelijker voor kinderen en nieuwe moslims.
Salam aan iemand laten overbrengen
Mensen zeggen vaak: “Doe hem de salam” of “Geef haar mijn salam.” Het doorgeven van salam is bekend uit de profetische overleveringen.
De Profeet ﷺ zei tegen Aisja bint Aboe Bakr, moge Allah tevreden met haar zijn: “Djibril brengt jou de salam over.” Zij antwoordde: “Wa alaihis salam wa rahmatoellah — en met hem zij de vrede en de barmhartigheid van Allah.” (Overgeleverd door al Boekhari en Moeslim).
Wie uitdrukkelijk belooft een salam over te brengen, behoort die belofte serieus te nemen. Sommige juristen beschouwden het doorgeven als verplicht wanneer de persoon de opdracht bewust had aanvaard. Anderen behandelden het als een sterk aanbevolen vorm van betrouwbaarheid.
De ontvanger kan zowel degene die de salam stuurde als de boodschapper in zijn antwoord betrekken. Hij kan bijvoorbeeld zeggen: Wa alaika wa alaihis salam, wat betekent: en met jou en met hem zij de vrede. De precieze formulering is minder belangrijk dan het zorgvuldig ontvangen en doorgeven van de groet. Wie zegt dat hij de salam zal overbrengen, behoort dat niet achteloos te vergeten, omdat de groet aan hem is toevertrouwd en daarmee ook raakt aan betrouwbaarheid.
Wanneer wordt salam anders beantwoord?
De algemene regel is dat de salam hoorbaar wordt beantwoord. Sommige situaties vragen echter om een gebaar, uitstel of extra terughoudendheid.
Tijdens het gebed
Wie het rituele gebed verricht, spreekt geen gewone menselijke antwoorden uit. Sohaib, moge Allah tevreden met hem zijn, vertelde over de Profeet ﷺ: “Hij ging de moskee van Koeba binnen om daar te bidden. Enkele mannen kwamen binnen en begroetten hem met de salam. Ik vroeg: ‘Hoe antwoordde de Boodschapper van Allah ﷺ hen?’ Hij zei: ‘Hij maakte met zijn hand een gebaar.’” (Overgeleverd door an Nasai).
De biddende persoon kan daarom kort met zijn hand of vingers antwoorden op een wijze die als gebaar wordt begrepen. Hij spreekt het gewone antwoord niet uit, omdat menselijke spraak niet tot het gebed behoort.
De begroeter houdt eveneens rekening met de situatie. Hij hoeft niet luid te groeten om een biddende persoon af te leiden of een zichtbaar antwoord af te dwingen.
Tijdens het verrichten van de behoefte
Tijdens het verrichten van de behoefte wordt de salam niet op de gewone manier uitgesproken of beantwoord. De persoon kan wachten totdat hij klaar is. Dit is geen minachting voor de begroeter, maar eerbied voor de herinnering aan Allah in een ongeschikte situatie.
Wie geen antwoord ontvangt van iemand die zichtbaar naar het toilet gaat, behoort daar geen belediging in te zien. Goede omgangsvormen vragen ook dat de begroeter de toestand van de ander begrijpt.
Tijdens de vrijdagpreek
Tijdens de vrijdagpreek hoort men aandachtig te luisteren en geen gesprek te beginnen. De Profeet ﷺ zei: “Wanneer jij op vrijdag, terwijl de imam de preek houdt, tegen degene naast jou zegt: ‘Luister’, dan heb je al zinloos gesproken.” (Overgeleverd door al Boekhari en Moeslim).
Wanneer zelfs het aansporen tot stilte als onnodig spreken geldt, is het verstandig de preek niet met begroetingen te onderbreken. Juristen verschilden over de vraag of een salam die toch wordt gegeven hoorbaar, zacht of helemaal niet wordt beantwoord. De veiligste praktische houding is dat de binnenkomende persoon geen gesprek opent terwijl de preek bezig is.
Tijdens een gewone les of Koranrecitatie
Een laatkomer hoeft niet luid door een volle zaal te roepen wanneer daardoor de uitleg wordt onderbroken. Hij kan zacht groeten of wachten op een geschikt moment.
Iemand die de Koran leest, is niet volledig afgesloten van zijn omgeving. Wanneer hij persoonlijk wordt begroet, kan hij de recitatie op een passend punt onderbreken en antwoorden. De begroeter kan op zijn beurt wachten totdat het vers is voltooid en hoeft niet precies tijdens geconcentreerde recitatie aandacht te eisen.
Tijdens het eten
Er bestaat geen algemene islamitische regel dat salam geven tijdens het eten verboden is. Mensen kunnen elkaar begroeten terwijl zij eten. Wel is het beleefd iemand niet te dwingen met een volle mond onmiddellijk uitgebreid te antwoorden.
Plaatselijke gewoonten behandelen eten soms alsof iedere begroeting op dat moment religieus verboden is. Daarvoor bestaat geen algemene grond. De omstandigheden bepalen de praktische beleefdheid.
Wanneer iemand slaapt
De salam wordt zacht uitgesproken wanneer sommige aanwezigen slapen. Al Miqdad ibn Amr, moge Allah tevreden met hem zijn, vertelde in een langere hadith: “De Boodschapper van Allah ﷺ kwam ’s nachts en gaf de salam op een manier die de slapende persoon niet wakker maakte, terwijl degene die wakker was haar wel kon horen.” (Overgeleverd door Moeslim).
De groet wordt dus aangepast aan de situatie. Zij is bedoeld om vrede te brengen, niet om rust onnodig te verstoren.
Wanneer de groet niet duidelijk is
Wie niet weet of iemand werkelijk salam zei, of niet kan vaststellen of de groet aan hem was gericht, is niet verplicht te reageren op een vermoeden. Hij kan uit beleefdheid zelf groeten, maar hoeft geen schuldgevoel te dragen over woorden die hij niet hoorde.
Wanneer verliest de salam haar betekenis?
Een salam kan juridisch herkenbaar zijn en toch sociaal bijna leeg worden. Dat gebeurt wanneer iemand zo zacht groet dat niemand hem kan horen, wanneer hij alleen invloedrijke personen begroet, wanneer hij onbekende moslims bewust voorbijloopt of wanneer de groet uitsluitend wordt gebruikt als inleiding op een verzoek.
Ook iemand die assalamo alaikoem zegt en direct daarna roddelt, beledigt, bedriegt of schade veroorzaakt, laat een breuk ontstaan tussen zijn woorden en zijn gedrag. De salam belooft geen menselijke volmaaktheid, maar roept wel op tot veiligheid.
De islamitische vredesgroet is daarom geen klein ornament aan het begin van een gesprek. Zij is een gebed, een initiatief en een verantwoordelijkheid. Zij leert de gelovige de ander te zien voordat hij iets van hem nodig heeft, vrede te openen voordat het gesprek moeilijk wordt en na een conflict niet eindeloos te wachten totdat de ander de eerste stap zet.
Wanneer de salam thuis, in de moskee, op straat, op school, op het werk en in digitale gesprekken werkelijk wordt verspreid, krijgt een korte zin haar oorspronkelijke kracht terug: de mens tegenover mij mag weten dat mijn ontmoeting met hem met vrede begint.
Bronnen en werkwijze: hoe onze artikelen worden opgebouwd.
Vind je dit interessant? Onze hoofdpagina is ingericht als een wegwijzer door de islam, cultuur en geschiedenis. Ontdek meer via de categorieën bovenaan of gebruik de zoekbalk voor specifieke vragen: BegrijpIslam








