Een zachte bries kan verkoeling brengen, wolken voortdrijven en de lucht na een warme dag verfrissen. Dezelfde wind kan echter aanzwellen tot een storm die bomen ontwortelt, daken beschadigt en mensen dwingt bescherming te zoeken. In dat verschil tussen zachtheid en kracht wordt zichtbaar hoe beperkt de mens is. Hij kan de wind meten, luchtstromen verklaren en waarschuwingen uitvaardigen, maar hij kan de wind niet bevelen te beginnen, van richting te veranderen of te stoppen.
De Koran (Quran) leert de mens daarom niet om de wind als een zelfstandige macht te vrezen. De wind behoort tot de schepping van Allah en beweegt binnen de orde die Hij heeft bepaald. Soms draagt hij regen, verkoeling en vruchtbaarheid. Soms brengt hij gevaar met zich mee, en in de geschiedenis heeft Allah de wind ook als middel van overwinning of bestraffing ingezet.
De profetische leiding (soenna) leert de moslim hoe hij daarop reageert. Bij harde wind en storm richt hij zich met een smeekbede (dua) tot Allah. Hij vraagt om het goede van de wind, het goede dat zich daarin bevindt en het goede waarvoor de wind is gezonden. Tegelijk zoekt hij bescherming tegen het mogelijke kwaad ervan. Dat is niet alleen een manier om angst te verminderen. De smeekbede is aanbidding: de gelovige erkent dat de wind geen onafhankelijke macht bezit en dat zijn veiligheid, leven en omgeving uiteindelijk in de hand van Allah zijn.
Wind is meer dan bewegende lucht
Verschillen in luchtdruk en temperatuur brengen luchtmassa’s in beweging. Zeeën, bergen, open vlakten en weersystemen beïnvloeden vervolgens de richting en kracht van de wind. Deze verklaringen beschrijven werkelijke oorzaken binnen de schepping. Zij betekenen niet dat de wind buiten de wil en het bestuur van Allah opereert.
Allah heeft de eigenschappen van lucht geschapen, de natuurwetten vastgesteld en de omstandigheden bepaald waarin een zachte luchtstroom kan veranderen in krachtige windstoten. Geloof vraagt daarom niet dat de mens wetenschappelijke kennis afwijst. Het leert hem wel dat zichtbare oorzaken nooit losstaan van hun Schepper.
Wanneer een weerbericht spreekt over een stormdepressie, zware windstoten of code geel, oranje of rood, kan de moslim deze informatie serieus nemen zonder zijn geloofsblik te verliezen. Zulke termen beschrijven wat mensen waarnemen en berekenen. Het geloof herinnert hem eraan dat de schepping aan Allah toebehoort en dat de wind zich niet aan Zijn beschikking onttrekt.
Dit besef voorkomt twee uitersten. De moslim maakt van harde wind geen mysterieus teken waaraan hij zelf voorspellingen of bijgeloof verbindt. Tegelijkertijd reduceert hij de wind niet tot een betekenisloze beweging van lucht. Hij onderzoekt de oorzaken, gebruikt zijn verstand en herkent daarin de macht, wijsheid en beschikking van Allah.
Hoe beschrijft de Koran de wind?
De Koran spreekt over de wind in verschillende situaties. De wind kan goed nieuws aankondigen, wolken en regen brengen, schepen voortbewegen en bijdragen aan groei en vruchtbaarheid. Dezelfde geschapen kracht kan echter ook worden stilgelegd of als verwoestende wind worden gezonden. Daardoor leert de mens dat niet de wind zelf bepaalt welke uitwerking ontstaat, maar Allah.
Allah (God) zegt: “En tot Zijn tekenen behoort dat Hij de winden als verkondigers van goed nieuws zendt, zodat Hij jullie iets van Zijn barmhartigheid laat ervaren, de schepen op Zijn bevel kunnen varen en jullie naar iets van Zijn gunst kunnen zoeken. Hopelijk zullen jullie dankbaar zijn.” (Soera ar Roem 30:46).
Dit vers verbindt de wind met barmhartigheid, scheepvaart, levensonderhoud en dankbaarheid. De wind kan regen aankondigen en mensen helpen reizen en handel drijven, maar de schepen varen uiteindelijk op het bevel van Allah. De mens gebruikt zeilen, motoren, kaarten en weersinformatie, terwijl de zee en de wind geschapen blijven en aan Allah toebehoren.
Allah zegt: “En Wij zenden de winden als bevruchters. Vervolgens zenden Wij water uit de hemel neer en geven Wij jullie daarvan te drinken. Jullie zijn niet degenen die de voorraden ervan bewaren.” (Soera al Hijr 15:22).
Het woord “bevruchters” bevat een rijke betekenis. Uitleggers hebben genoemd dat de winden wolken samenbrengen en voorbereiden op het neerdalen van regen. De wind draagt ook stuifmeel en andere middelen waardoor planten en bomen vrucht kunnen dragen. Zo wordt iets wat onzichtbaar door de lucht beweegt een middel waardoor water, groei en voedsel tot stand komen.
Dit vers toont de wind daarom niet alleen als een kracht die mensen bang kan maken. De wind behoort ook tot de middelen waarmee Allah leven verspreidt. De mens kan bestuiving onderzoeken, water opslaan en landbouw ontwikkelen, maar hij bezit de oorspronkelijke voorraden niet en kan niet zelfstandig bepalen waar en wanneer regen neerdaalt.
Als Allah de wind stillegt
De afhankelijkheid van de mens wordt ook zichtbaar wanneer de wind uitblijft. Vooral in tijden waarin schepen sterk afhankelijk waren van zeilen, kon windstilte een reis volledig tot stilstand brengen.
Allah zegt: “En tot Zijn tekenen behoren de schepen op zee, als bergen. Als Hij wil, maakt Hij de wind stil, waarna zij bewegingloos op het water blijven liggen. Daarin liggen werkelijk tekenen voor ieder die standvastig en dankbaar is.” (Soera ash Shura 42:32-33).
De schepen kunnen groot zijn en als bergen boven het water uitsteken, maar zonder de oorzaken die Allah werkzaam maakt, blijven ze liggen. Het vers noemt daarom standvastigheid en dankbaarheid. Standvastigheid is nodig wanneer de beweging stopt, plannen worden vertraagd en de mens zijn onmacht ervaart. Dankbaarheid is nodig wanneer de wind terugkeert en de reis weer mogelijk wordt.
Ook moderne techniek maakt de mens niet volledig onafhankelijk. Motoren, havens en navigatiesystemen verminderen sommige beperkingen, maar stormen kunnen nog steeds de scheepvaart, luchtvaart, energievoorziening en het verkeer ontregelen. De vormen veranderen, terwijl de menselijke afhankelijkheid blijft.
De wind die leven brengt en de wind die verwoest
Een nuttige wind kan wolken verplaatsen, warmte verzachten, zaden verspreiden en de lucht verversen. Een storm kan daarentegen bomen breken, golven opstuwen en gebouwen beschadigen. De geschapen kracht is niet in zichzelf altijd weldadig of altijd schadelijk. De uitwerking hangt samen met de maat, plaats, tijd en bestemming die Allah bepaalt.
Over het volk van Aad zegt Allah: “En ook in Aad was een teken, toen Wij tegen hen de vernietigende, onvruchtbare wind zonden. Niets wat deze wind bereikte, bleef intact; alles werd tot vergaan materiaal gemaakt.” (Soera adh Dhariyat 51:41-42).
De wind wordt hier onvruchtbaar genoemd. Deze wind droeg geen regen, groei of barmhartigheid, maar vernietiging. Het volk zag kracht, maar begreep niet dat die kracht aan Allah toebehoorde en op Zijn bevel tegen hen kon worden ingezet.
Dat betekent niet dat mensen iedere zware storm als een bestraffing van Allah mogen bestempelen. De mens kent zonder openbaring niet de volledige wijsheid achter een concrete gebeurtenis. Een storm kan een beproeving of waarschuwing zijn, schade veroorzaken, later voordeel brengen of verschillende gevolgen tegelijk hebben. De gelovige neemt het gevaar serieus, maar spreekt niet met zekerheid over Allahs bedoeling zonder bewijs.
Sommige uitleggers hebben erop gewezen dat de Koran op verschillende plaatsen het meervoud gebruikt voor weldadige winden en het enkelvoud voor een verwoestende wind. Daarin kan een betekenisvol patroon worden herkend, maar het is geen absolute taalregel die zonder uitzondering op ieder vers mag worden toegepast. De context blijft bepalend.
Dit onderscheid helpt de smeekbede bij harde wind te begrijpen. De gelovige vraagt niet eenvoudig om meer of minder wind. Hij vraagt Allah om het goede dat ermee kan komen en zoekt bescherming tegen het kwaad dat de wind kan dragen.
De wind als een van de legers van Allah
De Koran laat ook zien dat Allah de wind kan inzetten als een van Zijn legers. Tijdens de belegering van Medina kwamen vijandelijke groepen samen tegen de moslims. Allah herinnerde de gelovigen later aan Zijn hulp.
Allah zegt: “O jullie die geloven, gedenk de gunst van Allah aan jullie toen legers op jullie afkwamen. Wij zonden toen tegen hen een wind en legers die jullie niet zagen. Allah ziet wat jullie doen.” (Soera al Ahzab 33:9).
De wind ondermijnde de zekerheid en organisatie van de belegeraars en werd een middel waardoor hun aanval uiteenviel. De gelovigen konden de vijandelijke coalitie niet op eigen kracht verdrijven, maar Allah schonk hulp op een wijze die zij niet beheersten.
Dit vers leert dat de wind niet alleen een onderdeel van het weer is. Allah kan dezelfde geschapen kracht inzetten voor bescherming, overwinning, waarschuwing of bestraffing. De wind bezit daarbij geen eigen doel en kiest geen partij, maar vervult de taak die Allah ervoor heeft bepaald.
De wind die aan Suleiman werd onderworpen
Allah schonk de profeet Suleiman (Solomon) een bijzonder teken: de wind werd aan hem onderworpen. Dat betekende niet dat Suleiman een onafhankelijke of goddelijke macht over de natuur bezat. Allah onderwierp de wind aan hem en schonk hem dit bijzondere wonder.
Allah zegt: “En aan Suleiman onderwierpen Wij de stormachtige wind, die op zijn bevel naar het land waaide dat Wij hadden gezegend. Wij hebben kennis van alle dingen.” (Soera al Anbiya 21:81).
Allah zegt ook: “Toen onderwierpen Wij de wind aan hem, zodat deze op zijn bevel zacht stroomde waarheen hij wilde.” (Soera Sad 38:36).
De twee verzen laten verschillende eigenschappen zien. De wind kon krachtig zijn en toch op Allahs bevel een bepaalde bestemming bereiken. Hij kon ook zacht stromen waarheen Suleiman wilde, omdat Allah hem dat toestond.
Het wonder lag niet in een zelfstandige macht van Suleiman, maar in de onderwerping door Allah. Juist daarom versterken deze verzen het geloof in de eenheid en heerschappij van Allah. De profeet ontving een uitzonderlijke gave, maar Allah bleef de Gever en Bestuurder.
De houding van Profeet Mohammed ﷺ bij harde wind
Profeet Mohammed ﷺ (vrede zij met hem) was niet achteloos wanneer donkere wolken verschenen of de wind krachtig werd. Aisha zag dat zulke momenten invloed hadden op zijn houding en gezichtsuitdrukking.
Aisha vertelde: “Wanneer de Profeet ﷺ een wolk aan de hemel zag, liep hij heen en weer, ging hij naar buiten en weer naar binnen en veranderde de kleur van zijn gezicht. Wanneer het vervolgens regende, verdween zijn bezorgdheid. Ik merkte dit op en vroeg hem ernaar. Hij antwoordde: ‘Ik weet niet wat deze wolk zal brengen. Misschien is het zoals bij het volk dat zei toen het de wolk naar zijn valleien zag komen: dit is een wolk die ons regen zal brengen. Maar het was juist datgene waarvan zij vroegen dat het snel zou komen: een wind met een pijnlijke bestraffing.’” (Overgeleverd door al Boekhari en Moeslim).
Deze houding was geen bijgeloof en betekende niet dat iedere donkere wolk als bestraffing moest worden gezien. De Profeet ﷺ kende de geschiedenis van eerdere volken en wist dat een verschijnsel waarvan mensen voordeel verwachten ook gevaar kan meebrengen.
Zijn reactie bracht hoop en ontzag samen. Hij hoopte op regen en barmhartigheid, maar bleef zich bewust van de macht van Allah. Toen duidelijk werd dat nuttige regen neerdaalde, verdween zijn bezorgdheid.
Voor de moslim betekent dit dat angst tijdens een zware storm niet automatisch een teken van zwak geloof is. Angst is een natuurlijke reactie op werkelijk gevaar. Die angst mag alleen niet veranderen in bijgeloof, wanhoop of verlammende paniek. De gelovige erkent zijn kwetsbaarheid, richt zich tot Allah en neemt verstandige maatregelen.
Wat zegt een moslim bij harde wind en storm?
Wanneer de wind krachtig werd, sprak de Profeet ﷺ een omvattende smeekbede uit. Daarin vroeg hij om het goede van de wind, het goede dat de wind meebracht en het goede doel waarvoor Allah hem had gezonden.
Aisha vertelde dat de Profeet ﷺ bij krachtige wind deze smeekbede zei: “O Allah, ik vraag U om het goede van deze wind, het goede dat zich daarin bevindt en het goede waarmee deze wind is gezonden. Ik zoek bescherming bij U tegen het kwaad van deze wind, het kwaad dat zich daarin bevindt en het kwaad waarmee deze wind is gezonden.” (Overgeleverd door Moeslim).
Uitspraak: Allaahoemma innie as aloeka chairahaa, wa chaira maa fiehaa, wa chaira maa oersilat bih, wa aoedhoe bika min sharrihaa, wa sharri maa fiehaa, wa sharri maa oersilat bih.
Deze smeekbede is nauwkeurig opgebouwd. Eerst vraagt de gelovige om het goede van de wind: verkoeling, beweging van wolken, vruchtbaarheid en ieder ander voordeel dat Allah erin kan leggen. Daarna vraagt hij om het goede dat de wind meedraagt, ook wanneer de gelovige dat zelf niet kan zien of voorspellen.
Vervolgens vraagt hij om het goede waarmee de wind is gezonden. Daarmee erkent hij dat de wind een taak vervult binnen een groter besluit van Allah. Misschien draagt hij regen naar een droog gebied, ververst hij de lucht of brengt hij een ander voordeel dat pas later zichtbaar wordt.
Daartegenover zoekt de gelovige bescherming tegen het kwaad van de wind, tegen wat de wind kan meedragen en tegen een schadelijke uitwerking waarmee hij gezonden kan zijn. De smeekbede leert de mens zo zijn beperkte kennis toe te vertrouwen aan de kennis en wijsheid van Allah.
De woorden kunnen ook worden uitgesproken voordat zichtbare schade ontstaat. De moslim hoeft niet te wachten tot een storm gevaarlijk wordt. Zodra harde wind hem bezorgd maakt, kan hij Allah om het goede vragen en bescherming zoeken tegen wat hij zelf niet beheerst.
De smeekbede is aanbidding, geen magische formule
Het uitspreken van de smeekbede is meer dan het herhalen van woorden die bij een bepaalde weerssituatie horen. De moslim spreekt de woorden uit met de intentie Allah te aanbidden, de profetische leiding te volgen en zijn afhankelijkheid te erkennen.
Hij richt zich niet tot de wind en vraagt de wind niet om zachter te worden. Hij richt zich tot de Heer van de wind. Daarmee wordt het geloof in de eenheid van Allah zichtbaar in een alledaags moment. De gelovige weet dat alleen Allah werkelijk voordeel schenkt en kwaad kan afwenden.
De smeekbede is ook geen magische formule die veiligheid garandeert zodra de woorden zijn uitgesproken. De dienaar vraagt, vertrouwt en neemt maatregelen, terwijl hij de uitkomst aan Allah overlaat. Aanbidding betekent niet dat de mens controle krijgt over het besluit van Allah. Het betekent dat hij zich als dienaar tot zijn Heer wendt.
Dit onderscheid beschermt het hart tegen twee vergissingen. De eerste is dat iemand alleen op materiële middelen vertrouwt en vergeet Wie die middelen werkzaam maakt. De tweede is dat iemand woorden uitspreekt, maar noodzakelijke veiligheidsmaatregelen verwaarloost. De profetische weg verenigt smeekbede, vertrouwen en verantwoordelijk handelen.
Een smeekbede om barmhartigheid in plaats van bestraffing
Er wordt ook een zwak overgeleverde smeekbede genoemd: “O Allah, maak deze wind tot barmhartigheid en maak hem niet tot een bestraffing. O Allah, laat hem tot de weldadige winden behoren en niet tot een vernietigende wind.”
Uitspraak: Allaahoemma idj alhaa rahmatan wa laa tadj alhaa adhaaban. Allaahoemma idj alhaa riyaahan wa laa tadj alhaa riehan.
Sommige geleerden hebben deze overlevering als zwak beoordeeld, terwijl andere geleerden haar in hun werken hebben vermeld of bij dit onderwerp hebben aangehaald. De betekenis is goed en sluit aan bij de wijze waarop de Koran spreekt over winden die barmhartigheid en vruchtbaarheid dragen en over een wind die vernietiging bracht. Deze smeekbede heeft echter niet dezelfde vastgestelde authenticiteit als de eerder genoemde smeekbede die door Moeslim is overgeleverd.
De woorden vragen niet noodzakelijk om volledige windstilte. Ook krachtige wind kan uiteindelijk voordeel brengen wanneer Allah daarmee wolken verplaatst, de lucht zuivert of regen laat volgen. De gelovige vraagt daarom vooral om een gunstige en barmhartige uitkomst.
Deze smeekbede hoeft niet telkens samen met de langere smeekbede te worden uitgesproken. De moslim kan de overgeleverde woorden gebruiken die hij kent en die bij de situatie passen. Het doel is niet dat het moment verandert in een ingewikkeld ritueel, maar dat het hart zich oprecht tot Allah richt.
Waarom vervloekt een moslim de wind niet?
Wanneer een storm schade veroorzaakt of plannen verstoort, kan een mens uit frustratie de wind of het weer vervloeken. De profetische leiding corrigeert deze reactie. De wind handelt niet vanuit een eigen wil en heeft niet zelfstandig besloten iemand schade toe te brengen.
De Profeet ﷺ zei: “De wind behoort tot de barmhartigheid van Allah. Hij brengt barmhartigheid en hij brengt bestraffing. Wanneer jullie de wind merken, vervloek hem dan niet, maar vraag Allah om het goede ervan en zoek bij Allah bescherming tegen het kwaad ervan.” (Overgeleverd door Aboe Dawoed).
In een andere overlevering vervloekte een man de wind nadat die zijn mantel had weggeblazen. De Profeet ﷺ zei: “Vervloek de wind niet, want hij handelt op bevel. Wanneer iemand iets vervloekt dat de vervloeking niet verdient, keert die vervloeking naar hem terug.” (Overgeleverd door Aboe Dawoed en at Tirmidhi).
Het verbod betekent niet dat iemand niet mag zeggen dat het weer zwaar, hinderlijk of gevaarlijk is. Dat zijn feitelijke beschrijvingen. Ook mag iemand verdriet of frustratie uiten wanneer een storm schade heeft aangericht. Het probleem ligt in het vervloeken of beschimpen van een schepsel dat geen onafhankelijke macht bezit.
Een uitroep als “wat een zware storm” is daarom niet hetzelfde als het vervloeken van de wind. De moslim bewaakt vooral zijn woorden wanneer boosheid hem ertoe brengt het weer te veroordelen alsof het zelfstandig tegen hem heeft gehandeld. Hij vervangt zinloos schelden door een smeekbede, vraagt Allah om bescherming en richt zijn aandacht op wat hij werkelijk kan doen.
De wind, de engelen en de onzichtbare wereld
De Koran leert dat de zichtbare wereld niet de hele werkelijkheid omvat. Allah heeft engelen geschapen die Hem nooit ongehoorzaam zijn en de opdrachten uitvoeren die Hij hun geeft.
Bij de belegering van Medina noemt Allah zowel een wind als legers die de gelovigen niet zagen. Veel uitleggers, onder wie Ibn Kathir, hebben deze onzichtbare legers uitgelegd als engelen. De wind en de onzichtbare hulp kwamen beide van Allah en dienden Zijn besluit.
Dit betekent niet dat de moslim bij iedere windvlaag een specifieke engel moet aanwijzen of bijzonderheden mag vaststellen waarvoor geen betrouwbare tekst bestaat. In de betrouwbare teksten die over dit onderwerp worden aangehaald, wordt geen specifieke engel bij naam aan de wind gekoppeld.
De evenwichtige houding is daarom dat de moslim gelooft in de engelen en in hun gehoorzaamheid aan Allah, zonder onbewezen details toe te voegen. Zichtbare oorzaken en de onzichtbare werkelijkheid hoeven elkaar niet tegen te spreken. Een meteorologische verklaring kan beschrijven hoe lucht beweegt, terwijl de openbaring leert dat de gehele schepping onder het bevel van Allah staat en dat Zijn engelen uitvoeren wat Hij hun opdraagt.
Zo blijft de gelovige zowel zorgvuldig als open voor de werkelijkheid van het ongeziene. Hij ontkent de natuurkundige oorzaken niet, maar beperkt de werkelijkheid evenmin tot wat meetbaar is.
Vertrouwen op Allah sluit veiligheidsmaatregelen niet uit
De smeekbede bij storm vervangt geen voorbereiding of voorzichtigheid. Vertrouwen op Allah (tawakkul) betekent dat het hart op Hem steunt, terwijl de mens gebruikmaakt van de toegestane middelen die Allah beschikbaar heeft gesteld.
Wanneer officiële instanties waarschuwen voor zware windstoten, is het verstandig losse voorwerpen in de tuin of op het balkon vast te zetten, ramen en deuren te sluiten en onnodige verplaatsingen uit te stellen. Tijdens een storm blijft men uit de buurt van bomen, bouwplaatsen en voorwerpen die kunnen omvallen of wegwaaien. Ook autorijden kan gevaarlijk worden, vooral voor hoge of lichte voertuigen die gevoelig zijn voor zijwind.
Wie in Nederland of België woont, waaronder Vlaanderen, kan waarschuwingen zoals code geel, oranje of rood serieus nemen. Het opvolgen van zulke waarschuwingen is geen gebrek aan vertrouwen in Allah. Het behoort tot verantwoord handelen en tot het beschermen van het leven dat Allah aan de mens heeft toevertrouwd.
Bij zware stormen verdient ook de omgeving aandacht. Ouderen, mensen met een beperking en gezinnen die weinig hulp hebben, kunnen ondersteuning nodig hebben. Een telefoontje, hulp bij het vastzetten van spullen of het aanbieden van een veilige verblijfplaats kan veel betekenen.
Ouders leggen kinderen rustig uit wat er gebeurt en hoeven hun angst niet groter te maken met ongefundeerde verhalen over straf of naderend onheil. Een storm kan juist een rustig leermoment worden: Allah is machtig, de moslim vraagt Hem om bescherming en voorzichtigheid behoort tot verantwoordelijkheid.
Ook verspreidt de moslim geen onbetrouwbare beelden, geruchten of overdreven voorspellingen. Tijdens extreem weer kan onjuiste informatie paniek veroorzaken of mensen tot gevaarlijke keuzes brengen. De passende houding bestaat uit kalmte, betrouwbare informatie, smeekbede en zorg voor anderen.
Wanneer de wind het hart wakker maakt
De wind is meestal onzichtbaar. De mens merkt zijn aanwezigheid op aan bewegende bladeren, voortgedreven wolken, golven op het water en voorwerpen die worden verplaatst. Bij een storm hoort hij de kracht van de wind rond huizen en bomen, terwijl hij hem zelf niet kan vasthouden of tegenhouden.
Dat maakt de wind tot een indringende herinnering aan de grenzen van menselijke macht. Een samenleving kan geavanceerde meetapparatuur bezitten en toch niet voorkomen dat een storm over een gebied trekt. Voorspellingen kunnen helpen om schade te beperken, maar zij maken de mens niet tot bestuurder van de hemel en de aarde.
De gelovige ziet de wind daarom niet als een vijand en evenmin als een leeg natuurverschijnsel. Hij herkent de mogelijke voordelen, blijft waakzaam voor gevaar en weet dat de wind aan Allah toebehoort. Wanneer hij krachtig wordt, vraagt de moslim Allah om het goede ervan en zoekt hij bescherming tegen het kwaad ervan.
Zo wordt een storm niet automatisch een bron van paniek, maar een moment waarin de eenheid en heerschappij van Allah opnieuw zichtbaar worden. De gelovige spreekt de smeekbede uit, neemt de nodige maatregelen en laat zijn hart tussen hoop en ontzag tot rust komen. De wind beweegt door de schepping, maar de moslim richt zich tot Degene die hem heeft geschapen en bestuurt zoals Hij wil.
Lees ook:
Herinneringen aan Allah (adhkar) bij het verlaten en binnengaan van huis
Smeekbede bij het binnengaan van de markt: doea voor winkels, supermarkt en online aankopen
Wat zegt een moslim bij het binnengaan en verlaten van het toilet?
Herinneringen aan Allah (adhkar) voor het slapen: smeekbeden, bescherming en de soenna
Bronnen en werkwijze: hoe onze artikelen worden opgebouwd.
Vind je dit interessant? Onze hoofdpagina is ingericht als een wegwijzer door de islam, cultuur en geschiedenis. Ontdek meer via de categorieën bovenaan of gebruik de zoekbalk voor specifieke vragen: BegrijpIslam








