Mag je bidden achter iemand die om zegen van vrome mensen vraagt, amuletten schrijft en water met Koranverzen geeft?

Rustige gebedsruimte met een biddende man en de tekst Bescherming begint waar afhankelijkheid eindigt
• Vraag

Wat is het oordeel over het vragen aan Allah met de zegen (barakah) of status van een vroom persoon, bijvoorbeeld: “O Allah, vergeef mij door de zegen van die en die persoon”? Is dit afgoderij (shirk)? En wat is het oordeel over iemand die beschermende briefjes (hujub) of amuletten (tamimah) schrijft, water geeft waarin Koranverzen zijn opgelost (mahw), en mensen daarin religieus begeleidt? Mag men achter zo iemand bidden?

• Antwoord

Vragen aan Allah met de status, het recht of de zegen (barakah) van een vroom persoon is niet de zuivere profetische manier van smeekbede. Veel geleerden beschouwen dit als een religieuze vernieuwing (bidah) en als een middel dat de deur naar afgoderij (shirk) kan openen. Toch is het niet automatisch grote afgoderij (shirk akbar), zolang iemand Allah alleen aanroept en niet de vrome persoon zelf om vergeving, genezing, redding of hulp vraagt.

Beschermende briefjes (hujub) of amuletten (tamimah) zijn een andere kwestie en worden niet als een toegestane weg van bescherming gezien. Water waarin Koranverzen zijn opgelost (mahw) heeft weer een apart oordeel: sommige geleerden hebben dit onder duidelijke voorwaarden toegestaan, maar het mag niet vermengd worden met onbekende tekens, magie, handel in angst of afhankelijkheid van personen.

Bidden achter iemand die zulke zaken doet, vraagt om onderscheid. Als het gaat om een fout of religieuze vernieuwing (bidah) die niet neerkomt op duidelijke grote afgoderij (shirk akbar), dan wordt zo iemand onderwezen, geadviseerd en gecorrigeerd. Als hij echter mensen leert om anderen dan Allah aan te roepen, hulp te zoeken bij doden of geesten, of duidelijke afgoderij (shirk) te verspreiden, dan is de zaak veel ernstiger en hoort zo iemand geen religieuze leiding te geven.

De juiste manier om Allah aan te roepen

De veiligste en duidelijkste vorm van smeekbede (dua) is dat de gelovige Allah rechtstreeks aanroept. Hij vraagt Allah met Zijn mooie Namen, Zijn Eigenschappen, Zijn barmhartigheid, Zijn vergeving en Zijn macht. Dit is de weg die de Koran zelf aanwijst.

Allah (God) zegt: “En aan Allah behoren de mooiste Namen toe, roep Hem daarmee aan.” (Soera al Araf 7:180)

Daarom zegt een moslim bijvoorbeeld: “O Allah, vergeef mij door Uw barmhartigheid,” of: “O Allah, ik vraag U met Uw mooie Namen,” of: “O Allah, genees mij, want U bent de Genezer.” Deze manier van vragen is helder, sterk en vrij van dubbelzinnigheid. Het hart richt zich rechtstreeks tot Allah, zonder dat het afhankelijk wordt van de status, zegen (barakah) of naam van een geschapen persoon.

Ook behoort tot de toegestane bemiddeling in smeekbede (tawassul) dat iemand Allah vraagt met zijn geloof, zijn eenheid van Allah (tawheed), zijn liefde voor Allah en Zijn Boodschapper, of een goede daad die hij oprecht voor Allah heeft verricht. Dit is bekend uit het verhaal van de drie mannen die opgesloten raakten in een grot en Allah vroegen om redding door hun oprechte daden te noemen.

Waarom deze vorm van bemiddeling in smeekbede wordt afgewezen

Wanneer iemand zegt: “O Allah, vergeef mij door de zegen van die vrome persoon,” dan richt hij de vraag in de formulering nog steeds tot Allah. Daarom moet men voorzichtig zijn en niet elke persoon die zo spreekt onmiddellijk beschuldigen van grote afgoderij (shirk akbar). Toch is deze formulering niet de weg die Profeet Mohammed ﷺ (vrede zij met hem) en zijn metgezellen als vaste manier van smeekbede hebben onderwezen.

De Profeet ﷺ zei: “Wie een daad verricht die niet in overeenstemming is met onze zaak, die zal verworpen worden.” (Overgeleverd door Muslim)

Het probleem is dat deze manier van spreken de smeekbede onzuiver en kwetsbaar maakt. Eerst vraagt iemand Allah “door de zegen” van een persoon. Daarna kan het hart zich steeds sterker gaan richten op die persoon. Vervolgens kan iemand beginnen te denken dat een overleden vrome persoon een verborgen invloed heeft op genezing, vergeving, bescherming of voorziening. Daarom beschouwden veel geleerden deze vorm als religieuze vernieuwing (bidah) en als een deur die naar afgoderij (shirk) kan leiden, ook al is zij niet automatisch grote afgoderij (shirk akbar) in elke afzonderlijke situatie.

De islam wil dat de smeekbede helder blijft. Allah is dichtbij, hoort de dienaar, kent zijn nood en heeft geen tussenpersoon nodig om Zijn dienaar te begrijpen. Hoe eenvoudiger en zuiverder de smeekbede is, hoe veiliger zij is voor het geloof van de moslim.

Wanneer wordt de zaak wel afgoderij (shirk)?

Er is een belangrijk verschil tussen iemand die Allah vraagt met een verkeerde of vernieuwde formulering, en iemand die een ander dan Allah aanroept. Wie zegt: “O Allah, vergeef mij,” richt zich tot Allah, ook als hij daarbij een problematische formulering gebruikt. Maar wie zegt: “O vrome dode, genees mij,” “O heilige, red mij,” of “O geesten, help mij,” richt een daad van aanbidding tot een ander dan Allah. Dat is een veel ernstiger zaak.

Allah (God) zegt: “En de moskeeën behoren aan Allah toe, roep daarom niemand naast Allah aan.” (Soera al Jinn 72:18)

Ook wie gelooft dat een overleden persoon zelfstandig schade kan wegnemen, ziekte kan genezen, kinderen kan beschermen, voorziening kan openen of verborgen macht bezit buiten Allah om, raakt de kern van de eenheid van Allah (tawheed). De gelovige weet dat alle bescherming, genezing, vergeving en voorziening uiteindelijk van Allah komen. Mensen kunnen slechts oorzaken zijn binnen wat Allah toestaat; zij bezitten geen goddelijke macht.

Daarom moet men in dit onderwerp twee fouten vermijden. De eerste fout is om alles onmiddellijk als grote afgoderij (shirk akbar) te bestempelen zonder naar de betekenis en overtuiging te kijken. De tweede fout is om zulke woorden en praktijken licht te behandelen, alsof zij geen gevaar vormen voor het hart. De juiste weg is kennis, onderscheid en bescherming van de eenheid van Allah (tawheed).

Beschermende briefjes en opgelost Koranwater in deze vraag

Beschermende briefjes (hujub) of amuletten (tamimah) zijn voorwerpen of teksten die iemand draagt, ophangt of bij zich houdt met de gedachte dat zij bescherming brengen tegen schade, ziekte, het boze oog (ayn) of magie (sihr). Dit is niet de zuivere profetische weg, omdat het hart zich gemakkelijk kan hechten aan een middel dat Allah niet heeft toegestaan.

De Profeet ﷺ waarschuwde streng tegen amuletten en zei: “Wie een amulet ophangt, heeft shirk begaan.” (Overgeleverd door Ahmad)

Daarom moet een moslim beschermende briefjes (hujub) niet gebruiken, niet verspreiden en niet als religieuze behandeling aanbieden. Voor de bredere uitleg over amuletten kan hier verwezen worden naar het aparte artikel over dit onderwerp.

Lees ook:
Wat is het oordeel over amuletten met of zonder Koranverzen?

Water waarin Koranverzen zijn opgelost (mahw) is een aparte kwestie. Sommige geleerden hebben dit toegestaan wanneer duidelijke Koranverzen of bekende smeekbeden op een schone en respectvolle manier worden geschreven, bijvoorbeeld met saffraan, daarna worden gewassen en door de zieke worden gedronken. Dit blijft alleen verantwoord wanneer het vrij is van onbekende tekens, magie, commerciële uitbuiting en afhankelijkheid van personen, en wanneer degene die dit doet bekendstaat om kennis, betrouwbaarheid en een correcte geloofsleer. Als het verandert in geheimzinnige behandeling, handel in angst of een middel waardoor mensen zich aan de behandelaar hechten, dan moet men daar afstand van nemen.

Mag men achter zo iemand bidden?

Het oordeel over bidden achter iemand die zulke uitspraken of praktijken heeft, hangt af van wat hij precies gelooft, zegt en doet. Als iemand alleen zegt dat bemiddeling in smeekbede (tawassul) met de status of zegen (barakah) van vrome mensen toegestaan is, dan is dat een fout en een religieuze vernieuwing (bidah), maar dat maakt hem niet automatisch iemand buiten de islam. Hij moet worden geadviseerd en onderwezen, vooral als hij een publieke religieuze functie heeft.

Als hij daarnaast beschermende briefjes (hujub) schrijft en mensen daaraan bindt, dan wordt de zaak ernstiger. Iemand die mensen religieus leidt, moet hen naar duidelijke smeekbede (dua), toegestane genezende recitatie (ruqyah), de Koran en vertrouwen op Allah (tawakkul) brengen, niet naar briefjes, verborgen middelen of twijfelachtige praktijken. Als hij na advies en uitleg blijft doorgaan, dan hoort de gemeenschap te zoeken naar correctie via een verstandige en ordelijke weg.

Wanneer zijn woorden of daden duidelijke grote afgoderij (shirk akbar) bevatten, zoals het aanroepen van doden, hulp zoeken bij geesten (jinn), het gebruiken van magische formules, of het leren dat iemand naast Allah zelfstandig kan genezen, beschermen of voorzien, dan is de zaak veel ernstiger. In dat geval mag men dit niet behandelen als een klein meningsverschil. Dan moet men afstand nemen van zulke leiding en de kwestie voorleggen aan betrouwbare mensen van kennis.

Hoe gaat men hiermee om in Nederland en België?

In Nederland en België moet men hierbij wijs, ordelijk en verantwoordelijk handelen. Een moslim mag geen chaos veroorzaken in de moskee, geen mensen tegen elkaar ophitsen en geen persoonlijke beschuldigingen verspreiden zonder kennis. Tegelijk mag men duidelijke religieuze fouten niet negeren, vooral wanneer gewone mensen daardoor worden beïnvloed.

De eerste stap is rustig om uitleg vragen. Soms gebruikt iemand woorden zonder goed te beseffen wat ze betekenen. Daarna kan men adviseren met bewijs uit de Koran en de profetische traditie (Sunnah), zonder belediging en zonder publieke ruzie. Als de persoon een imam, lesgever of religieuze begeleider is, dan hoort men de zaak ook voor te leggen aan het moskeebestuur, betrouwbare imams of erkende islamitische kenniscentra die bekendstaan om evenwicht, kennis en respect voor de profetische traditie (Sunnah).

Als de persoon de fout erkent en terugkeert naar een zuivere weg, dan is dat het beste voor hem en voor de gemeenschap. Als hij blijft doorgaan met het verspreiden van beschermende briefjes (hujub), twijfelachtige behandelingen of gevaarlijke uitspraken, dan moet men zoeken naar een betrouwbaardere religieuze leiding. Dit gebeurt niet uit ruziezoekerij, maar om het geloof van de gemeenschap te beschermen.

De veilige weg voor de moslim

De veilige weg is duidelijk: vraag Allah rechtstreeks, gebruik de toegestane middelen en houd het hart vrij van alles wat naar afgoderij (shirk) of bijgeloof leidt. Een moslim heeft geen onduidelijke formuleringen, verborgen briefjes of afhankelijkheid van personen nodig om Allah te bereiken. Allah hoort de smeekbede van Zijn dienaren en Hij is dichterbij dan zij denken.

De gelovige zoekt bescherming en genezing door de Koran, toegestane genezende recitatie (ruqyah), oprechte smeekbede (dua), ochtend- en avondherinneringen (adhkar), vertrouwen op Allah (tawakkul) en toegestane medische behandeling wanneer dat nodig is. Wie eerder verkeerde woorden of praktijken heeft gevolgd, kan daarmee stoppen, berouw (tawbah) tonen en terugkeren naar de zuivere weg. Het doel is niet om mensen hard te veroordelen, maar om harten terug te brengen naar Allah alleen.

ــــــــــــــــــــــــــــــــــــ

Vind je dit interessant? Onze hoofdpagina is ingericht als een wegwijzer door de islam, cultuur en geschiedenis. Ontdek meer via de categorieën bovenaan of gebruik de zoekbalk voor specifieke vragen: BegrijpIslam